Aan die brug werken we met veel zorg, van het eerste ontwerp tot de laatste bouwtechniek. Die zorgvuldigheid laat zich vanuit twee kanten zien. We spraken stedenbouwkundige Jan Wabeke over hoe de brug in het landschap past, en deelgebiedmanager Johan Kempe over de techniek erachter.
Een brug die het landschap versterkt
Een brug is meer dan een verbinding van A naar B. Voor Jan Wabeke van het Gelders Genootschap draait alles om de vraag wat zo'n brug doet met zijn omgeving. Hij werkte aan veel rivierbruggen en zag hoe verschillend de opgave per plek is. "Bij een stadsbrug wil je iets toevoegen aan de stad. Maar hier, in natuurgebied de Gelderse Poort, waar het Pannerdensch Kanaal doorheen loopt, wil je juist het landschap en de natuur versterken."
Dat zie je terug in het ontwerp. In de rand van de verkeersbrug komen zonnepanelen, met daarachter ruimte voor dieren. En het landhoofd aan de oostzijde wordt losgemaakt van de Kandiadijk, zodat de natuur én de wandelaar er straks onderdoor loopt.
Ook de fietser profiteert. Bijzonder aan het ontwerp is dat de fietsbrug onder het verkeersdek hangt, die begint op dijkhoogte. Je hoeft daardoor nauwelijks te klimmen en fietst niet in het verkeerslawaai, maar dicht op de natuur. "Doordat je eronder zit, ervaar je vooral het landschap en de natuur waar je doorheen fietst," vertelt Wabeke.
Die oplossing kwam voort uit een slimme uitvraag. De commissie ruimtelijke kwaliteit schreef geen ontwerp voor, maar stelde doelen op. "We hebben niet bepaald of het fietspad links, rechts of eronder moest komen. We vroegen uit op doelen, en deze inzending blonk gewoon uit," zegt Wabeke.
Het fietspad wordt bovendien lekker ruim, zeker vier meter breed. Om het ontwerp goed te kunnen beoordelen, is er een mock-up gemaakt: een stuk fietsbrug op ware grootte.
Mock-up van de fietsbrug: er is al 30 meter fietsbrug gebouwd.
Waar Wabeke zelf naar uitkijkt? "Een uniek panorama van een stukje Gelderland, met op de achtergrond de Veluwe. En dan niet alleen recreatief, maar ook voor wie onderweg is naar school of werk."
Eerst testen, dan 54 keer goed bouwen
De aanbruggen over het Pannerdensch Kanaal komen te rusten op 54 pijlers. Om dat werk straks vlekkeloos te laten verlopen, bouwt GelreGroen er eerst één als proef. "Zo halen we de kinderziektes uit ons systeem," zegt deelgebiedmanager Johan Kempe.
De pijlers zijn slank ontworpen, en dat vraagt om precisie. Weinig beton, veel wapening. "Je moet heel veel spaghetti in elkaar knopen, en het moet ook nog kloppen qua sterkte. Dat is een flinke puzzel," legt Kempe uit. Met de proef test het team de bekisting, de wapening en het speciale, zelfverdichtende beton dat overal vanzelf tussendoor moet vloeien.
Tekening van het wapeningsstaal in een brugpijler. De vergelijking met spaghetti is hier goed te maken. Door het beton erom heen zie je er straks niks meer van.
Op dit moment werkt het team aan de fundering in de uiterwaarde: de palen en de zware betonnen poer die straks onder de grond verdwijnt. De pijler zelf volgt naar verwachting eind dit jaar.
Die zorgvuldigheid betaalt zich later uit. "We halen de leerpunten eruit, zodat we straks weten dat het werkt en waar we op moeten letten," aldus Kempe. Zo komt het team tijdens de bouw van de hele reeks minder voor verrassingen te staan, en dat geeft meer zekerheid over de planning.
De brug in cijfers
- Aanbrug west: 1.280 meter, in het verlengde van de pergola (de kruising over het spoor)
- Hoofdoverspanning: 340 meter, het gedeelte over het water
- Aanbrug oost: 665 meter
- Fietspad onder het dek: 1.857 meter, ruim 4 meter breed
- Aantal pijlers: 54, variërend van ongeveer 6 tot 19 meter hoog