Hoe dat precies zit vertelt grondwaterspecialist Lars Lamers van GelreGroen.
‘Tussen het Pannerdensch Kanaal en de A12 bij Zevenaar en Duiven komt de A15 (half)verdiept te liggen. We weten dat in de omgeving zorgen zijn over het grondwaterpeil en de invloed daarvan op onder meer woningen’, vertelt Lars. ‘Daarom hebben we gekozen voor een bouwmethode waarbij we niet grootschalig grondwater hoeven te onttrekken of het grondwaterpeil hoeven te veranderen. We bouwen “in den natte”. Voor de bouw van de verdiepte ligging plaatsen we damwanden. Daartussen graven we grond weg, waardoor een bouwkuip ontstaat die zich vult met grondwater. Daarna brengen we een vloer aan van onderwaterbeton. Vervolgens pompen we het water gecontroleerd weg uit de bouwkuip en kunnen we de verdiepte ligging afbouwen. Bij de halfverdiepte ligging gaan we op een vergelijkbare manier te werk, maar dan met een folie in plaats van damwanden en onderwaterbeton. We laten de folie afzinken in een afgegraven bouwkuip met grondwater, pompen het water weer weg en bouwen de halfverdiepte ligging af.’
Bouwen "in den natte": verdiepte ligging.
Bouwen "in den natte": halfverdiepte ligging.
Monitoringsgebied
Helaas kunnen niet alle werkzaamheden “in den natte” worden uitgevoerd. ‘Op een aantal plekken moeten we toch op kleine schaal en ook slechts kortdurend grondwater wegpompen. Bijvoorbeeld bij het plaatsen van ankerstangen. Daarbij gaat het om laswerk, dat op een droge plek moet plaatsvinden’, legt Lars uit.
Het beperkt, kortstondig en lokaal wegpompen van water leidt niet tot zettingsschade. Toch kiest GelreGroen er bewust voor om tijdens de werkzaamheden zeer uitgebreid te monitoren: vaak én in een groot gebied. Lars: ‘We hebben een monitoringsgebied bepaald aan de hand van een worstcasescenario: wat gebeurt er met het grondwaterpeil als we álle pompen tegelijk en voor langere tijd aanzetten?’. Omdat we alleen op kleine schaal en voor korte tijd water wegpompen, gaat dit scenario sowieso niet voorkomen.

Stoplicht
We plaatsen in totaal meer dan 50 peilbuizen. Die meten ieder uur het grondwaterpeil. Daarnaast plaatsen we bij alle pompen een watermeter, die precies meet hoeveel water we verpompen. Ook komen er bodemvochtmeters in het gebied, voeren we hoogtemetingen uit en komen er buiten het monitoringsgebied zettingsmeetpunten bij gevoelige gebouwen en objecten.
‘Een klein aantal woningen ligt dicht bij de werkzaamheden. Aan deze gebouwen besteden we daarom extra aandacht – ook al is uit vooronderzoek gebleken dat er geen risico op zettingsschade is. GelreGroen zorgt hier voor intensieve monitoring. We voeren een nulmeting uit en bevestigen vervolgens meetbouten op de gevel. Hiermee kunnen we eventuele veranderingen op afstand uitlezen.’
Op die manier is GelreGroen schommelingen in het grondwaterpeil vroeg op het spoor. ‘En zijn we zettingsschade vóór’, licht Lars toe. ‘GelreGroen komt in actie als het “stoplicht” verspringt van groen naar oranje en rijdt daarom niet door rood: het laagste peil. Alle meetgegevens zijn ook in te zien door Rijkswaterstaat en het Waterschap Rijn en IJssel. Zij kijken tijdens de werkzaamheden voortdurend mee, beoordelen de situatie en sturen bij waar nodig.’